OPMERKING: Zie de Productinformatiegids of het afzonderlijke papieren garantiedocument dat met uw computer is meegeleverd voor informatie over de Dell-garantie op uw computer.
Voor optimale prestaties van de computer en tevens om te helpen de instellingen van de BIOS te behouden, dient u de draagbare Dell-computer te allen tijde te gebruiken terwijl de batterij geïnstalleerd is. Er wordt standaard één batterij meegeleverd; deze bevindt zich in het batterijcompartiment.
OPMERKING: Het kan zijn dat de batterij niet volledig is opgeladen. Gebruik daarom de netadapter om de computer op het elektriciteitsnet aan te sluiten wanneer u deze voor het eerst gebruikt. Voor de beste resultaten maakt u gebruik van de AC-adapter totdat de batterij van uw computer helemaal is opgeladen. U houdt de batterijstatus in de gaten door het Configuratiescherm te openen en vervolgens op Energiebeheer te klikken en daarna op de tab Energiemeter.
OPMERKING: De werkingsduur van de batterij (de tijd gedurende welke de batterij stroom kan leveren) neemt met de tijd af. Afhankelijk van de frequentie waarmee de batterij wordt gebruikt en de gebruiksomstandigheden kan het zijn dat u tijdens de levensduur van de computer een nieuwe batterij moet aanschaffen.
De werkingduur van de batterij is afhankelijk van de werkomstandigheden. De werkingsduur neemt aanzienlijk af door onder andere:
Het gebruik van optische apparaten
Het gebruik van draadloze communicatieapparaten, ExpressCards, mediageheugenkaarten of USB-apparaten
Het gebruiken van zeer heldere weergave-instellingen, driedimensionale screensavers of andere programma's die veel energie verbruiken, zoals ingewikkelde driedimensionale grafische toepassingen
OPMERKING: Het wordt aanbevolen dat u de computer op een stopcontact aansluit wanneer u naar een cd of dvd schrijft.
U kunt de batterijstatus controleren (zie De batterijlading controleren) voordat u de batterij in de computer stopt. U kunt ook de opties van het energiebeheer zo instellen dat u gewaarschuwd wordt als de batterij leeg raakt. Zie De energiebeheerinstellingen configureren voor informatie over het openen van QuickSet of het venster Eigenschappen voor Energiebeheer.
WAARSCHUWING: Het gebruik van een incompatibele batterij kan de kans op brand of een explosie vergroten. Vervang de batterij uitsluitend met een compatibele batterij die u bij Dell hebt aangeschaft. De batterij is speciaal gemaakt voor een Dell-computer. Gebruik geen batterij van een andere computer voor uw computer.
WAARSCHUWING: Gooi batterijen niet met het huisafval weg. Als de batterij geen energie meer bevat, moet u contact opnemen met de plaatselijke vuilophaal- of milieudienst voor advies over het verwijderen van een lithium-ionbatterij. Zie "Batterijen verwijderen" in de Productinformatiegids.
WAARSCHUWING: Misbruik van de batterij kan de kans op brand of chemische brandwonden verhogen. Maak geen gaten in batterijen, gooi geen batterijen in het vuur, maak geen batterijen open en stel geen batterijen bloot aan een temperatuur hoger dan 65°C. Houd de batterij buiten bereik van kinderen. Ga uiterst voorzichtig met beschadigde of lekkende batterijen om. Beschadigde batterijen kunnen lekken en lichamelijke schade of schade aan uw apparatuur opleveren.
De batterijlading controleren
De Dell QuickSet-batterijmeter, het Microsoft® Windows®Energiemeter-venster en -pictogram, de batterijopladingsmeter en gezondheidscontrole en de waarschuwing bij de batterij die leeg raakt, geven informatie over de batterijstatus.
Dell QuickSet-batterijmeter
Als Dell QuickSet is geïnstalleerd, drukt u op <Fn><F3> om de QuickSet-batterijmeter weer te geven. De batterijmeter toont de status van de batterij, het oplaadniveau en de tijd totdat het opladen is voltooid. Voor informatie over QuickSet klikt u met de rechtermuisknop op het pictogram op de taakbalk en daarna op Help.
Microsoft® Windows® Energiemeter
De Windows Energiemeter geeft de resterende batterijlading weer. U controleert de energiemeter door te dubbelklikken op het pictogram op de taakbalk. Zie De energiebeheerinstellingen configureren voor instructies over het verkrijgen van meer informatie over de Energiemeter.
Als de computer op een stopcontact is aangesloten, verschijnt er een -pictogram.
Ladingsmeter
U controleert het volgende door de statusknop op de ladingsmeter op de batterij eenmaal in te drukken of vast te houden:
Lading van de batterij (de statusknop indrukken en loslaten)
Gezondheid van de batterij (de statusknop indrukken en vasthouden)
De werkingsduur van de batterij wordt grotendeels bepaald door het aantal keren dat deze is opgeladen. Na honderden laadcycli verliezen batterijen iets van hun oplaadbaarheidsvermogen, oftewel iets van hun gezondheid. Dat betekent dat een batterij met de status "geladen" een verminderd oplaadbaarheidsvermogen (slechtere gezondheid) kan hebben.
De batterijstatus controleren
Wanneer u de batterijstatus wilt controleren, moet u de statusknop op de ladingsmeter indrukkenen loslaten om de ladingsniveaulichtjes te laten branden. Elk lampje vertegenwoordigt ongeveer 20 procent van de totale batterijlading. Als er bijvoorbeeld vier lampjes branden, resteert er nog tachtig procent van de lading. Als er geen lampjes branden, is de batterij leeg.
De gezondheid van de batterij controleren
OPMERKING: De gezondheid van de batterij kan op twee manieren worden gecontroleerd: door de ladingsmeter te gebruiken zoals hieronder wordt beschreven, of door de batterijmeter te gebruiken in Del QuickSet. Voor informatie over QuickSet klikt u met de rechtermuisknop op het pictogram
op de taakbalk en daarna op Help.
Wanneer u de gezondheid van de batterij met de ladingsmeter wilt controleren, moet u de statusknop op de ladingsmeter minstens 3 seconden ingedrukt houden. Als er geen lampjes gaan branden, verkeert de batterij in een goede conditie, en heeft deze nog meer dan 80 procent van zijn oorspronkelijke oplaadcapaciteit. Elk lampje geeft een afnemende conditie aan. Als er vijf lampjes gaan branden, is er minder dan 60 % van de oorspronkelijk oplaadcapaciteit over, en kunt u de batterij het beste vervangen. Zie Specificaties voor meer informatie over de werkingsduur van de batterij.
Waarschuwing dat batterij bijna leeg is
KENNISGEVING: U voorkomt dat gegevens beschadigd raken of verloren gaan, moet u uw werk direct opslaan als u een waarschuwing ontvangt dat de batterij bijna leeg is en de computer aansluiten op een stopcontact. Als de batterij volledig leegraakt, wordt automatisch de slaapstand geactiveerd.
Er verschijnt standaard een pop-upvenster met de waarschuwing dat de batterij voor bijna 90 procent leeg is. Het is mogelijk de instellingen voor de batterijwaarschuwingen te wijzigen. Zie De energiebeheerinstellingen configureren voor informatie over het openen van QuickSet of het venster Eigenschappen voor Energiebeheer.
Batterijstroom besparen
Voer de onderstaande acties uit om batterijstroom te besparen:
Sluit de computer aan op een stopcontact indien mogelijk, omdat de levensduur van de batterij grotendeels wordt bepaald door het aantal keren dat deze wordt gebruikt en wordt opgeladen.
Zet de computer in de stand-by-modus of in de slaapstand wanneer u deze voor een langere tijd niet gebruikt. Zie Energiebeheermodi voor meer informatie over de stand-by-modus en de slaapstand.
Gebruik de wizard Energiebeheerom opties te selecteren om het energiegebruik van de computer te optimaliseren. Deze opties kunnen bovendien zo worden ingesteld dat ze worden gewijzigd wanneer u op de aan/uit-knop drukt, het scherm dichtklapt of op <Fn><Esc> drukt. Zie De energiebeheerinstellingen configureren voor meer informatie over het gebruik van de wizard Energiebeheer.
OPMERKING: Zie Batterijprestaties voor meer informatie over het besparen van batterijstroom.
Energiebeheermodi
Stand-by-modus
De stand-by-modus bespaart energie door het beeldscherm en de vaste schijf na een vooraf vastgestelde periode van inactiviteit uit te schakelen (een time-out). Wanneer de computer de stand-by-modus verlaat, keert deze terug naar de toestand van voor de stand-by-modus.
KENNISGEVING: Als uw computer in de stand-by-modus geen wissel- of batterijstroom meer krijgt, kunnen er gegevens verloren gaan.
U zet de computer als volgt in de stand-by-modus:
Klik op de knop Start, Afsluiten en ten slotte op Stand-by.
of
Gebruik een van de onderstaande methodes, afhankelijk van welke energiebeheeropties u hebt ingesteld op het tabblad Geavanceerd (zie De energiebeheerinstellingen configureren) in het venster Energiebeheeropties:
Druk op de aan/uit-knop.
Klap het beeldscherm dicht.
Druk op <Fn><Esc>.
U sluit de stand-by-modus door op de aan/uit-knop te drukken of het beeldscherm open te klappen, afhankelijk van de opties die u hebt ingesteld op het tabblad Geavanceerd. U kunt de stand-by-modus niet verlaten door op een toets te drukken of de touchpad aan te raken.
Slaapstand
De slaapstand bespaart energie door systeemgegevens naar een gereserveerd gebied op de vaste schijf te kopiëren en de computer vervolgens volledig uit te schakelen. Wanneer de computer de slaapstand verlaat, keert deze terug naar de toestand van voor de slaapstand.
KENNISGEVING: Het is niet mogelijk apparaten te verwijderen of de computer los te koppelen terwijl deze zich in de slaapstand bevindt.
De computer gaat in de slaapstand als de batterij zo goed als leeg is.
U schakelt de slaapstand als volgt handmatig in:
Klik op Start, Afsluiten, houdt de toets <Shift> ingedrukt en klik op Slaapstand.
of
Gebruik een van de onderstaande methodes om de slaapstand te activeren, afhankelijk van welke energiebeheeropties u hebt ingesteld op het tabblad Geavanceerd in het venster Energiebeheeropties:
Druk op de aan/uit-knop.
Klap het beeldscherm dicht.
Druk op <Fn><Esc>.
OPMERKING: Sommige ExpressCards functioneren niet correct nadat de computer de slaapstand heeft verlaten. Verwijder de kaart en plaats deze opnieuw (zie Een ExpressCard of blanco ExpressCard verwijderen) of start de computer opnieuw op.
Druk op de aan/uitknop om de slaapstand te verlaten. Het kan even duren voordat de computer de slaapstand heeft verlaten. U kunt de slaapstand niet verlaten door op een toets te drukken of de touchpad aan te raken. Zie de documentatie die met het besturingssysteem is meegeleverd voor meer informatie over de slaapstand.
De energiebeheerinstellingen configureren
Voor het configureren van de energiebeheerinstellingen op de computer kunt u de wizard QuickSet Energiebeheer of de energiebeheeropties van Windows gebruiken.
U opent de wizard QuickSet Energiebeheer door op het pictogram op de taakbalk te dubbelklikken. Klik voor meer informatie over QuickSet op de knop Help in de wizard Energiebeheer.
U opent het venster Energiebeheeropties door te klikken op de Start-knop®Configuratiescherm®Prestaties en onerhoud®Energiebeheer. Klik voor meer informatie over een willekeurig veld in het venster Eigenschappen voor Energiebeheer op het vraagteken op de titelbalk en vervolgens op het gebied waarover u meer informatie wilt.
De batterij opladen
OPMERKING: Zonder Dell ExpressCharge wordt een lege batterij in ongeveer een uur door de netadapter opgeladen met de computer uitgeschakeld. De oplaadtijd is langer als de computer aanstaat. U kunt de batterij zolang als u wilt in de computer laten zitten. De interne circuits van de batterij voorkomen dat de batterij wordt overladen.
Als u de computer aansluit op een stopcontact of een batterij aanbrengt terwijl de computer op een stopcontact is aangesloten, zal de computer de lading en temperatuur van de batterij controleren. Indien nodig zal de netadapter de batterij opladen en de batterijlading op peil houden.
Als de batterij erg warm is geworden door het gebruik in de computer of in een warme omgeving verkeert, is het mogelijk dat de batterij niet wordt opgeladen als u de computer op een stopcontact aansluit.
De batterij is te warm om opgeladen te kunnen worden als het -lampje afwisselend groen en oranje knippert. Koppel de computer los van het stopcontact en laat de computer en batterij afkoelen tot kamertemperatuur. Sluit de computer vervolgens aan op een stopcontact om het opladen van de batterij voort te zetten.
Zie Voedingsproblemen voor meer informatie over het oplossen van problemen met batterijen.
De batterij vervangen
WAARSCHUWING: Voordat u deze procedures uitvoert, moet u de computer uitzetten, de netadapter uit het stopcontact halen, de modem losmaken van de wandaansluiting en de computer en alle andere externe kabels loskoppelen van de computer.
KENNISGEVING: U moet alle externe kabels uit de computer verwijderen om eventuele schade te voorkomen.
WAARSCHUWING: Het gebruik van een incompatibele batterij kan de kans op brand of een explosie vergroten. Vervang de batterij uitsluitend met een compatibele batterij die u bij Dell hebt aangeschaft. De batterij is speciaal ontworpen voor de Dell computer; gebruik dus geen batterijen van andere computers.
KENNISGEVING: Als u de batterij wilt vervangen terwijl de computer in de stand-by-modus staat, hebt u een minuut de tijd voordat de computer wordt uitgeschakeld en alle niet opgeslagen gegevens verloren gaan.
De batterij verwijderen:
Als de computer is aangesloten op een dockingstation, koppelt u het dockingstation los. Raadpleeg de
documentatie bij het dockingstation voor instructies voor het loskoppelen.
Zorg ervoor dat de computer is uitgeschakeld of in een energiebeheermodus staat.
Open het vergrendelingsschuifje van de batterijhouder aan de onderkant van de computer en haal de
batterij uit de houder.
1
ontgrendelingsschuifje van batterijhouder
2
batterij
Wanneer u de batterij wilt vervangen, volgt u de verwijderingsprocedure in omgekeerde volgorde.
Een batterij opslaan
Verwijder de batterij als u de computer voor langere tijd opslaat. Een batterij verliest zijn lading als deze gedurende een lange periode wordt opgeslagen. Na een lange opslagperiode dient u de batterij volledig opnieuw te laden (zie De batterij opladen) voordat u deze gebruikt.